Het is mogelijk
om de plaats van een punt te beperken tot een rechte, lijnstuk, cirkel
en zelfs
een kegelsnede met de opdracht beperking.
Men tekent vooreerst een willekeurig vrij beweeglijk
punt bvb P(. , .) en vervolgens een tweede punt Q:=beperking(object,P).
Met deze opdracht beperkt men de locatie van P tot het object.
Oefening: Constructie van een
raaklijn in een punt van een cirkel.
We tekenen een
cirkel met als middelpunt de oorsprong (0,0) en als straal 5.
We maken gebruik
van het meetkundepalet en de knop voor het tekenen van een cirkel · met gegeven
middelpunt O en een tweede punt (5,0).
De twee punten
geven wij in als basispunten
die men achteraf dynamisch kan verslepen.
Het is handig om
deze objecten toe te kennen aan een variabele.
Bemerk de
verschillende toekenningssymbolen.

We definiėren
vervolgens een punt P(3,4) (niet noodzakelijk) gelegen op de cirkel.
![]()
Wij beperken de
bewegingsvrijheid van dit punt tot de cirkel.

Tenslotte tekenen
wij het lijnstuk dat O verbindt met T en de loodlijn in T op dit lijnstuk.


Men bekomt een
dynamische constructie. Men kan de punten O, P en T verslepen.
Bovendien kan men
de vergelijking van de cirkel en de raaklijn in T opvragen door in het
grafiekvenster vooreerst de knop waarde aan te klikken en
vervolgens de
cirkel of de raaklijn aan te wijzen.
|
|
|
|
© Wirisonline 2004