4         Variabelen en functies

Een variabele wordt in Wiris genoteerd als een letter of een opeenvolging van letters en cijfers (beginnende met een letter).

 

Men kan op 2 verschillende manieren een waarde koppelen aan een variabele;

 

·        Definitie van een variabele m.b.v.  = (). Bijvoorbeeld a = b + c.


Bij een definitie heeft men te maken met een ogenblikkelijke variabele.
Op het moment van de definitie wordt het rechterlid berekend en het resultaat eenmalig gekoppeld aan het linkerlid en opgeslagen in het geheugen.
Wijzigt men later de waarde van b en/of c dan zal de waarde van a behouden blijven.

 

·        Toekenning aan een variabele m.b.v.  := ()  Bijvoorbeeld a:= b + c

In dit geval zal aan a op elk moment de waarde worden gekoppeld die b + c op dat moment heeft. Men heeft te maken met een dynamische variabele.

 

Het voorschrift van een functie kan men op de klassieke manier met = (ogenblikkelijke definitie) of met := (dynamische definitie) ingeven.

 

8     Onderzoek het verschil tussen = en := aan de hand van een voorbeeld.

Ogenblikkelijke variabelen en definitie.

8     Combinatie van dynamische variabelen en definitie.

 

 

Opmerkingen:

 

Bij het vermenigvuldigen van twee variabelen moet je de vermenigvuldiging expliciet invoeren (met een * ) omdat variabelen ook namen kunnen krijgen die bestaan uit meerdere letters

.

Meerdere variabelen en ook opdrachten kan men op één regel plaatsen, gescheiden door een komma  ( , )

 

Voor het niet uitvoeren van een opdracht plaatst men na de opdrachtregel ( ; ).

 

 

 

                 

 

© Wirisonline 2004